Chitar Rekha werd na het luisteren erg bezorgd.
Ze vloog als de wind en bereikte daar.(18)
Arril
Toen hij ging en zijn vorm zag
Toen ze daar aankwam, viel ze plat neer, kijkend naar haar toestand.
(In haar gedachten) 'Ik moet ernaar streven haar haar minnaar te laten ontmoeten,
'Door de persoon binnen te halen die ze in de droom had gezien.'(19)
Chaupaee
Chitrakala bouwde daar (dwz Chitraya) een paleis.
Vervolgens bouwde Chitar Kala een kasteel en tekende ze rondom (tekeningen van) de veertien regio's.
Daarin goden, reuzen,
Ze schetste de duivels, de goden en Gandharabh Jachh.(20)
Dohira
Ze heeft daar alle heersers van de wereld uitgehouwen, inclusief:
Balbhadar, en Anuradh en Krishna, de zonen van Parduman. (21)
Nadat ze daar veertien feeën had gecreëerd, stelde ze haar voor:
'Ik heb de middelen bedacht om te overleven, kom en zie jezelf.'(22)
Chaupaee
Laat de goden zien, laat de reuzen zien,
Toon Gandharb, Yaksha en Bhujang.
Vervolgens toonde de dynastie van de Kaurava's.
Toen hij ze zag, kreeg Ukh Kala veel geluk. 23.
Dohira
Na veertien feeën te hebben bekeken, bereikte zij (Ukha) daar,
Waar alle leden van de Jadav-familie, inclusief Krishna, zaten. (24)
Eerst zag ze Balbhadar en daarna Krishna.
Ze werd gerustgesteld en, in de overtuiging dat zij de goeroes van de wereld waren, boog ze zich en bracht haar eerbetoon.
Chaupaee
Toen ging hij en zag Praduman,
Toen zag ze Parduman en boog bescheiden eerbiedig haar hoofd.
Toen hij zijn zoon zag,
Maar toen ze zijn zoon Anuradh zag, voelde ze dat al haar kwalen waren uitgeroeid.
Dohira
Met lof bedankte ze haar vriendin.
'Wat ik in mijn droom zag, heb ik levendig waargenomen.(27)
'Je hebt me door veertien regio's geleid en je hebt me alles laten zien.
'Nu moet je mij dwingen hem in het echt te ontmoeten.'(28)
Chaupaee
Toen Chitra-Rekha dit hoorde
Ze stemde in met haar verzoeken en manifesteerde zich als lucht,
Toen Dwarika de stad zag
En ik voelde me opgelucht toen ik Dwarakpuree bereikte.(29)
Dohira
Chitar Kala zei tegen de prins Anuradh: 'De jonkvrouw uit de hoge bergen, betoverd door jouw ogen, is gekomen om je te zien.
'Ze verlangt ernaar je te ontmoeten en is wanhopig geworden.'(30)
Chaupaee
O lieve Rood! Ga naar dat land
(Ukha) 'Mijn liefste, je gaat met mij mee naar de regio, waar ik je ook zeg dat je moet gaan,