Terwijl hij aan Krishna's voeten viel, zei hij aldus: O Sri Krishna! Ik ga gewoon naar hem toe.
Mainprabha stond naast Krishna en zei: ‘Ik zal zelf naar haar toe gaan en met welke middelen ze ook komt, ik zal haar overtuigen en brengen
���Ik zal de instemming krijgen van die innemende gopi, hetzij door aan haar voeten te vallen, hetzij op verzoek of door haar tevreden te stellen
Ik zal haar zelfs vandaag nog bij je brengen, anders heet ik niet de jouwe.���695.
Mainprabha stond op van dichtbij Krishna en begon
Mandodari kan haar niet evenaren in schoonheid en geen enkele dame aan het hof van Indra heeft enige charme voor haar
Wiens gezicht is versierd met schoonheid en de schoonheid van die vrouw straalt zo,
De glorie van het charmante gezicht van deze vrouw ziet er zo uit dat de maan, het hert, de leeuw en de papegaai hun rijkdom aan schoonheid van haar hebben geleend.
Toespraak als antwoord:
SWAYYA
Die gopi met het maangezicht, die Krishna verliet, bereikte Radha
Toen ze eraan kwam, zei ze: ‘Ga snel, de zoon Nand heeft je gebeld.
(Radha antwoordde) Ik ga niet naar Krishna. (Toen begon de mens Prabha te zeggen) Hoi ni! zeg dat niet
���Waarom zei je dat je niet naar Krishna zou gaan? Verlaat deze dualiteit. Waarom zit je hier om het hart van de charmante Krishna te stelen?���697.
Waar zeer dichte sedimenten komen en vallen en waar pauwen aan alle vier de kanten aanroepen.
���Als de donderende wolken zich verspreiden, schreeuwen de pauwen aan alle vier de kanten, dansen de gopi's en bieden de liefdeszieke mensen zichzelf aan als offer,
���In die tijd, o vriend! luister, Krishna, spelend op zijn fluit, denkt aan jou
O vriend! ga snel, zodat we, als we daar aankomen, de prachtige sport kunnen zien.���698.
���Daarom, o vriend! laat je trots varen, laat je twijfels varen en ga naar Krishna
Vul je geest met passie en laat je niet meeslepen door volharding.���
De dichter Shyam zegt: Waarom blijf je hier zitten als je de amoureuze sport van Krishna niet ziet?
Mijn geest verlangt ernaar zijn amoureuze spel te zien.
Radha zei: ���O vriend! Ik zal niet naar Krishna gaan en ik heb geen zin om zijn amoureuze spel te zien
Krishna heeft zijn liefde voor mij opgegeven en gaat op in de liefde van andere vrouwen
���Hij is verliefd op Chandarbhaga en ziet mij niet eens met zijn ogen
Daarom zal ik, ondanks de opwaartse kracht van jouw geest, niet naar Krishna gaan.���700.
Toespraak van de boodschapper:
SWAYYA
���Waarom zou ik naar de vrouwen gaan? Krishna heeft mij gestuurd om jou te brengen
Daarom ben ik, wegblijvend van alle gopi's, naar jullie toe gekomen
���Je zit hier in ijdelheid en luistert naar niemands advies
Ga snel, want Krishna zal op je wachten.���701.
Toespraak van Radhika:
SWAYYA
���O vriend! Ik ga niet naar Krishna. Waarom praat je tevergeefs?
Krishna heeft je niet naar mij toe gestuurd, omdat ik een element van bedrog voel in je gesprekken
���O gopi, je bent een bedrieger geworden en voelt de pijn van een ander niet��� terwijl hij dit zei, ging Radha met gebogen hoofd zitten
De dichter zegt: ‘Ik heb nergens anders zo’n ego gezien.’ 702.
Toespraak van de boodschapper:
SWAYYA
Toen zei ze aldus: ���O vriend! jij gaat met mij mee, ik ben gekomen met een belofte aan Krishna
Terwijl ik kwam, heb ik dit tegen Krishna gezegd: ���O, de Heer van Braja! voel je niet verontrust, ik zal nu gaan en Radha overtuigen en meenemen,���
���Maar hier zit je in je trots, o vriend! je gaat naar Krishna en verlaat de dualiteit,
Ik zal niet zonder jou kunnen gaan, enigszins nadenken over de woorden van iemand anders.���703.
Toespraak van Radhika:
SWAYYA
���O gopi! Waarom ben je gekomen zonder na te denken? Je had moeten komen na overleg met een goochelaar
Ga jij Krishna vertellen dat Radha zich niet verlegen voor hem voelt