En ging door en vertelde het haar man zo. 6.
vierentwintig:
(O Rajan!) Het lijkt erop dat je heel oud bent geworden.
Nu moet je gaan jagen.
De ouderdom heeft je ingehaald.
Door dit te doen heb je van alles afstand gedaan.7.
(zei de koning) O koningin! Luister, ik ben niet oud
Ook de ouderdom heeft (mij) niet ingehaald.
Als je zegt: ik moet nu gaan jagen
En na het doden van de beer, Roj en Barasinghe (breng hem) ॥8॥
Dit zeggende (de koning) ging op jacht
En de koningin stuurde de man weg.
Bij het vallen van de avond keerde (de koning) terug na een spelletje jagen.
(Die) dwaas begreep niets onduidelijks. 9.
Hier is de conclusie van het 232e hoofdstuk van Mantri Bhup Samvad van Tria Charitra van Sri Charitropakhyan: alles is veelbelovend. 232.4374. gaat door
dubbel:
Er was een koning genaamd Bichchhan Singh in Bichchhanpur.
Bichchan Mati was (zijn) vrouw, wier lichaam prachtig was. 1.
vierentwintig:
Waar er reservoirs, putten en fulwari waren
En de rustgevende bries (waait) zachtjes.
De Narbada-rivier stroomde vlakbij.
Zelfs Indra werd moe na het zien van (die) schoonheid. 2.
Zelf:
Er was een vrouw genaamd Brikhbhan Kala wier immense schoonheid zich over (de hele) wereld verspreidde.
Deze koning zag die vrouw terwijl ze kwam jagen.
Door aan zijn arm te trekken, nam hij (hem) mee. Raj Dulari (koningin) hoorde dit.
Ze was vervuld van woede en verbrandde zonder vuur. Ze zat met haar gezicht naar beneden en hief haar nek niet op. 3.
vierentwintig:
Toen de koning met haar trouwde
(Vervolgens) genoot in alle opzichten van hem.
Dag en nacht verbleef hij in het huis van de vrouw
En niet tegen andere koninginnen. 4.
dubbel:
Toen werd Rani Bichchhan Mati erg boos in haar hart.
De kleur van (zijn) lichaam werd geel en hij stopte ook met het kauwen op brood.5.
vierentwintig:
(Ze dacht dat) vandaag zal ze (hem) samen met de koning vermoorden
En omdat je (hem) kent als echtgenoot, zal er geen enkele aarzeling in de geest zijn.
Ik zal deze twee doden en mijn zoon koning maken.
Alleen dan stop ik water in mijn mond. 6.
onbuigzaam:
(De koningin) maakte poppen en drukte ze onder het bed.
Ze voerde haar man een spin in zijn eten.
Hij stierf in pijn. Toen deed de vrouw dat
Dat ze, nadat ze haar man had verbrand, (toen) in slaap viel. 7.
Deze (Sonkan) heeft de koning voor de gek gehouden door poppen te maken.
Hierdoor is mijn man onder veel lijden gestorven.