De sterveling slaat een paar dagen op de trommel, en dan moet hij vertrekken.
Met zoveel rijkdom, contant geld en verborgen schatten kan hij nog steeds niets meenemen. ||1||Pauze||
Zittend op de drempel huilt en jammert zijn vrouw; zijn moeder vergezelt hem naar de buitenpoort.
Alle mensen en familieleden gaan samen naar het crematorium, maar de zwanenziel moet helemaal alleen naar huis. ||1||
Die kinderen, die rijkdom, die stad en dat dorp – hij zal ze niet meer komen opzoeken.
Zegt Kabeer, waarom mediteer je niet op de Heer? Je leven glijdt nutteloos weg! ||2||6||
Kedara drukt het ware karakter en de aard van de ziel uit en maakt de geest ervan bewust. Het brengt de emoties van eerlijkheid, integriteit en waarachtigheid op een praktische en zorgzame manier over. Deze benadering benadrukt het karakter van de ziel en is gedenkwaardig, zodat de geest bewust wordt gemaakt, zonder cynisme op te wekken.