Gauree, Vijfde Mehl:
Het lichaam waar je zo trots op bent, is niet van jou.
Macht, bezit en rijkdom zijn niet van jou. ||1||
Ze zijn niet van jou, dus waarom klamp je je eraan vast?
Alleen de Naam, de Naam van de Heer, is van jou; het wordt ontvangen van de Ware Goeroe. ||1||Pauze||
Kinderen, partner en broers en zussen zijn niet van jou.
Beste vrienden, moeder en vader zijn niet van jou. ||2||
Goud, zilver en geld zijn niet van jou.
Mooie paarden en prachtige olifanten zijn voor jou van geen nut. ||3||
Zegt Nanak: degenen die de Guru vergeeft, ontmoeten de Heer.
Alles behoort toe aan degenen die de Heer als hun Koning hebben. ||4||37||106||
Gauri creëert een sfeer waarin de luisteraar wordt aangemoedigd om harder te streven om een doel te bereiken. De aanmoediging van de Raag zorgt er echter niet voor dat het ego groter wordt. Dit schept dus de sfeer waarin de luisteraar wordt aangemoedigd, maar toch wordt voorkomen dat hij arrogant en zelfingenomen wordt.